Kinderen

Kinderen rouwen ook, hoe klein ze ook zijn. Rouw van kinderen lijkt veel op rouw van volwassenen. Op een paar punten wijkt het echter af. Tot een jaar of twaalf is hun denkproces is nog niet volledig ontwikkeld en snappen ze bepaalde dingen nog niet. Ook denken ze soms mede schuldig te zijn aan het overlijden omdat ze iets stouts gezegd, gedaan of gedacht hebben (magisch denken). Het is belangrijk dit in de gaten te houden.

Hun gevoelens hebben ze minder onder controle dan volwassenen en ze houden ook minder rekening met conventies. Dus soms reageren kinderen erg explosief. Anderzijds zijn er ook kinderen die helemaal in hun schulp kruipen en nauwelijks iets laten zien van wat hen bezighoudt. Ze houden daarbij vaak rekening met hun rouwende ouders, willen onbewust hun eigen verdriet daar niet aan toevoegen. Ze zijn ook afhankelijk van de grote mensen om hen heen. Als die hen niet goed voorbereiden, informeren en betrekken dan kunnen kleine kinderen zelf ook niks. Rouw bij kinderen is vaak zichtbaar via het gedrag. ‘Lastig’ gedrag is soms een uiting van verdriet, niet wetende hoe ze die chaos aan gevoelens op een andere manier moeten uiten.

Kinderen verliezen meer dan degene die dood is. Ze verliezen vaak ook hun ouder(s), althans de ouder(s) zoals zij die kenden en hun vertrouwd waren. De sfeer in het gezin verandert, allerlei vertrouwdheden vallen weg. Soms is er een tijdlang weinig aandacht voor hen. Het is dan belangrijk dat er vertrouwde anderen zijn die de ouders kunnen ondersteunen bij de opvang, zoals de leerkracht op school, een tante of oom of vrienden. Voor meer informatie over rouw bij kinderen raden we het boek Jong Verlies van Riet Fiddelaers- Jaspers aan.

Jongeren

Typisch voor jongeren is dat het omgaan met het verlies samengaat met de zware taken die ze in de puberteit al hebben: het zoeken van een eigen identiteit, zelfstandig worden, school- en loopbaankeuzen maken en voor de eerste keer een vaste en intieme relatie aangaan. Jongeren voelen zich onvoorbereid en verward door de warboel aan emoties en door hun gebrek aan ervaring. Jonge mensen zijn daarnaast, meer dan volwassenen, geneigd om het verdriet te vermijden en te ontkennen. Als dat lang aanhoudt kan het de verliesverwerking blokkeren en kunnen gedrags- en emotionele problemen nog lang daarna voorkomen.

Begrijpen wat dood zijn is
Jongeren zijn in staat te begrijpen dat de dood niet teruggedraaid kan worden en weten dat iedereen doodgaat. Hun denkvermogen is wat dat betreft op hetzelfde niveau als dat van volwassenen. Maar dat betekent nog niet dat ze hun verstand op dezelfde manier gebruiken. Tussen in staat zijn op een volwassen manier de biologische aspecten van dood gaan en dood zijn te kunnen begrijpen en op een volwassen manier met de dood om te kunnen gaan, blijkt een kloof te zitten Misschien is dit de verklaring voor het feit dat jongeren soms onnodig risicogedrag vertonen. Dat gedrag kan gezien worden vanuit de gedachte: “Iedereen gaat dood, maar mij overkomt dat niet. Ik kan laten zien dat ik de dood te slim af ben.” Onder invloed van leeftijdgenoten kan dit behoorlijk uit de hand lopen. Ze beschermen zich door uit te gaan van een dood die volgens vastgestelde regels handelt en die de rangorde volgt die gekoppeld is aan leeftijd. Ze gaan er daarbij vanuit dat de oudsten het eerst aan de beurt zijn. Maar als de dood onverwacht iemand kiest, als iemand overlijdt ‘die niet aan de beurt is’, doen ze de angstige ervaring op dat menselijke verdedigingsmechanismen weinig waard zijn.

Ervaring speelt een rol in het omgaan met de dood van iemand in de naaste omgeving. Volwassenen hebben hierin meestal meer ervaring dan jongeren, ze hebben al meer meegemaakt. Dat maakt dat volwassenen rouw beter in toekomstperspectief kunnen zien. Ze weten dat na verloop van tijd de pijn minder wordt en het leven er weer beter uit kan gaan zien. Bij jongeren maakt het gebrek aan ervaring het rouwproces extra verwarrend en angstaanjagend.

Verbergen van rouw
Rouw van jongeren wordt vaak over het hoofd gezien. Daar dragen ze zelf ook aan bij. De jongeren zijn zelfstandigheid aan het verwerven, stellen zich steeds onafhankelijker op, richten zich meer op leeftijdgenoten en willen daarbij niet ‘afwijken’. De rouwende jongere is zich ervan bewust dat hij anders bekeken en anders behandeld wordt en in enkele opzichten ook anders ís dan leeftijdgenoten. Daardoor voelt hij zich in verlegenheid gebracht als zijn verlies en de gevolgen daarvan ter sprake komen. Bovendien wil hij zijn emoties in de hand houden. Daarom doet hij veel moeite om te voorkomen dat er over het verlies gesproken wordt en zal hij het belang en de betekenis van het verlies vaak kleiner maken dan het in werkelijkheid is.

De behoefte aan niet anders willen zijn, stabiliteit en voorspelbaarheid zorgt ervoor dat jongeren zoveel mogelijk normaal proberen te doen om een doorsnee tiener te lijken. Ze bouwen een muurtje om zichzelf heen en doen er veel moeite voor om aan de buitenkant niks te laten merken. De binnenkant is echter heel anders. Daar zit de pijn, de eenzaamheid en de rouw.
Ook thuis verbergen ze hun rouw. Ze vallen hun ouder(s) niet lastig met hun verdriet omdat ze zien dat hun vader of moeder het ook moeilijk heeft en ze deze willen beschermen.

School is een vertrouwde omgeving waar ze wekelijks vele uren verblijven. Hoewel ze ook daar hun masker dragen om de rouw te verbergen, kunnen jongeren geen verbinding met school houden wanneer er geen aandacht is voor hun verlies. Die aandacht hoeft niet groots en meeslepend te zijn, het kan ook subtiel zijn. Voor meer informatie over rouw bij jongeren raden wij het boek Mijn troostende ik van Riet Fiddelaers-Jaspers aan.

We organiseren regelmatig Masterclasses over dit onderwerp. Kijk in ons overzicht om te zien wanneer de Masterclasses plaatsvinden.

Bovenstaande informatie is overgenomen van Omgaan met Verlies