“Jullie moeten ondernemer worden”. Het is een kreet die veel werkers in zorg en welzijn te horen krijgen. Het werkveld verandert en er is meer ondernemerschap nodig, meer innovatie en je moet jezelf waarmaken in het werkveld. Maar ondernemerschap is wat anders dan hulpverlenerschap. In deze blog behandel ik vier principes van ondernemerschap die iedereen kan toepassen.

1. Ondernemerschap kun je leren.

Hoewel de ene persoon ondernemender, creatiever en innovatiever is dan de ander, kan iedereen groeien in ondernemerschap. Zeker binnen een organisatie waar je van elkaars kwaliteiten kunt gebruiken.  Je moet alleen de keus maken!

2. Ondernemerschap begint bij het helder krijgen van jouw kracht en jouw passie.

Als je ondernemender moet worden is het zaak om stil te staan bij twee vragen:

  • Wat kan ik goed? Wat is mijn unieke kracht?
  • Waar loop ik warm voor in mijn werk?

Veranderingen in de maatschappij zorgen er vaak voor dat wat wij graag deden verandert. Nu de maatschappij verandert, de financiering van zorg verandert, moeten ook wij veranderen. Daar kun je van balen, maar het is een feit. Inspelen op die verandering kan door je goed bewust te worden van jouw kwaliteiten en passie. En ik geloof dat iedere organisatie deze vragen moet beantwoorden, maar ook iedere werknemer in de organisatie.

3. Krijg helder wat je klanten en opdrachtgevers willen.

Je kunt wel zelf een passie en een kracht hebben, maar sluit dat aan bij wat de klant en de opdrachtgever vragen? Probeer dus heel goed te onderzoeken wat de ander wil, waar deze behoefte aan heeft. Dat betekent een open blik, veel vragen stellen en zoeken naar de wens van de ander.

4. Verbind de kracht en passie van jezelf met de wens van de klant.

Bij ondernemerschap gaat het er om creatief met je eigen kracht en de vraag van de klant om te gaan. Als je weet wat de ander wil, en je weet wat jij wilt en kunt, dan kun je kijken hoe je die twee zo goed mogelijk kunt verbinden vanuit jouw kracht! Een voorbeeld:  

Een schoolmaatschappelijk werker onderhandelt met de gemeente over het product van hun organisatie, namelijk schoolmaatschappelijk werk op de scholen. Duidelijk wordt dat de gemeente niet zoveel heil meer ziet in het oude schoolmaatschappelijk werk. Liever ziet ze een aantal generalisten die vragen met elkaar verbinden en mensen met elkaar in contact brengen. Het wordt de maatschappelijk werkster duidelijk dat de wens van de opdrachtgever volledig anders is dan het product van de organisatie. Het zou wel eens het einde kunnen betekenen van het schoolmaatschappelijk werk.

De route? Wat is de kracht van het schoolmaatschappelijk werk? Ouders, leerkrachten en kinderen helpen in het zoeken van oplossingen voor problemen die er ontstaan. Daar ligt ook de passie! Maar de vraag is anders. De gemeente vraagt niet specifiek naar deze kracht. De uitdaging: Hoe kan ik de vraag van de gemeente beantwoorden vanuit mijn passie. Kan ik dan hun vraag beantwoorden terwijl ik dicht bij mijn passie blijf?

Stel je voor dat Apple was blijven steken bij de oude Mac computer. De markt verandert, de vraag verandert, maar wij bieden deze computer aan, want die is goed! Nee, de markt verandert, de klant vraag nieuwe dingen… hoe kunnen wij vanuit onze expertise antwoord blijven geven op deze vraag? Dat betekent oude producten elimineren maar vanuit je passie en kracht nieuwe producten aanbieden. Ook in welzijn!

Welke principes voor ondernemerschap helpen jou? We horen het graag van je als bericht op deze blog!

Wil je meer over dit onderwerp te weten komen, dan ben je van harte welkom op onze Masterclass ‘Ondernemerschap in zorg en welzijn‘ op 31 maart 2016.

* * *

De schrijver van deze blog werkt voor het Kempler Instituut Nederland . Het KIN is een instituut voor opleiding, nascholing, methodiekontwikkeling en beroepsinnovatie op het gebied van psychosociale hulpverlening, gestaltgezinsbehandeling en supervisie. Al meer dan dertig jaar zet de ervaren staf zich in voor de opleiding en nascholing van zelfbewuste, krachtige en integraal werkende professionals die weten hoe zij de cliënt en zijn netwerk moeten activeren en die een persoonlijke en betrokken beroepshouding nastreven.